Blog

  • Schrijven? Dan geen muziek op!

    vinyl

    Oké, ik zal deze titel nog even wat verder nuanceren. Als ik teksten aan het schrijven ben, en dus creatief bezig ben, kan ik niet tegelijkertijd naar mijn favoriete muziek luisteren. Ik heb zo’n vermoeden dat dit komt door Systeem 1 en Systeem 2. Je weet wel, uit het boek van Daniel Kahneman.

    Hoe we twee personen tegelijk zijn

    Zelfkennis is een mooi woord. Maar eigenlijk kennen we onszelf voor geen meter. We kennen alleen het bewuste deel van onszelf. Uit onderzoek van professor Kahneman, die zich toelegt op het snijvlak tussen economie en psychologie, blijkt dat we slechts een klein deel van onze tijd bewust keuzes maken. Dat doen we met Systeem 2.

    Het grootste deel leven we eigenlijk op de automatische piloot en doen we alles op basis van ons onderbewustzijn. Dit instinct wordt ook wel Systeem 1 genoemd. Ze wisselen elkaar af en zijn nooit tegelijk actief. Feitelijk weten ze dus niet van elkaar wat ze doen.

    Er is een deel van ons dat ervaringen ondergaat en aanstuurt, terwijl een ander deel dingen onthoudt en rationaliseert. Bekijk het onderstaande interview en de TED-talk van Kahneman voor meer hierover:

    https://www.youtube.com/watch?v=mWaIE6u3wvw

    Lastig voor mij als muziekliefhebber

    Als je mij een beetje kent, dan weet je dat muziek een belangrijke rol speelt in mijn leven. Des te frustrerender vind ik het dat ik tijdens mijn schrijfwerk niet kan luisteren naar mijn favoriete artiesten.

    Mooie muziek (volgens mijn oren dan hè) leidt me af van mijn werk. Ik ben veel minder productief wanneer ik iets uit mijn eigen verzameling luisteren. Natuurlijk ken ik deze nummers vaak goed en dan ga ik vanzelf meedoen (meezingen, airguitar spelen, etc.), waardoor de verminderde productiviteit vanzelfsprekend is.

    Luister ik echter naar muziek die ik niet ken of waar ik amper op kan meedoen (death metal is hier zeer geschikt voor), dan heb ik er helemaal geen last van tijdens mijn werk. Sterker nog: als er een goed tempo in zit, werk ik lekker door.

    Mijn theorie hierover

    Ik denk dat het komt doordat Systeem 2 bewust bezig is met ‘mijn’ muziek, terwijl Systeem 1 de onbekende muziek ervaart. En daarmee heb ik volgens mij ook het geheim ontdekt waarom bepaalde platen moeten ‘groeien’ voor je ze waardeert: dan verschuiven ze van Systeem 1 naar Systeem 2.

    Wat je hier nu precies aan hebt in copywriting?

    Nou, het is heel interessant als je wat meer te weten komt over hoe Systeem 1 en Systeem 2 naast elkaar functioneren. En wanneer welk systeem zijn werk doet.

    Schrijf je over producten die als impulsaankopen kunnen worden aangemerkt, dan communiceer je met Systeem 1. Gaat het om complexe materie waar de klant goed over nadenkt, dan is Systeem 2 de baas. Zo kun je manieren bedenken om daar met je copy op in te spelen. Maar dan moet je dus wel eerst bewust zijn van het feit dat er twee systemen zijn.

    En dat komt dan ineens allemaal als blogpost tot stand door wat muziek…

    Update 5 februari 2016:

    Nou, de oorzaak van mijn probleem is gevonden! 🙂

    “Taal en muziek delen hetzelfde hersengebied om orde te scheppen in deze structuur: bij het schikken van woorden in een zin, en bij het schikken van tonen in een harmonie. Tegelijk lezen en luisteren overbelast de capaciteit van dit gebied, dat zich ergens onder je linkerslaap bevindt – Broca’s area.”

    Meer over het onderzoek waaruit dit gebleken is.

  • Mijn voornaamste reden om te bloggen: jullie

    publiek

    Een terloopse opmerking in een mailtje van een freelance-collega deed me weer beseffen waarom ik de artikelen op Copytips.nl schrijf.

    Dit was de opmerking waardoor ik aan het denken werd gezet:

    Overigens ben ik gisteren weer even op je blog terechtgekomen en ik heb heel veel aan de tips die je daar geeft. Als ZZP’er is ’t nog weleens een, eh, uitdaging hoe je met verschillende opdrachtgevers omgaat. Dus thanks voor het delen van die waardevolle info met de wereld!

    Ik ben niet de beste copywriter ooit en ik ken mijn beperkingen. Maar blijkbaar onderschat ik de waarde die mijn blogposts hier voor anderen hebben. Inspiratie bieden, daar was het me allemaal om te doen toen ik Copytips.nl in 2008 opzette.

    Inspiratie zit in kleine dingen

    Als je een supercoole nieuwe vaktechniek hebt ontdekt, wil je daar graag over vertellen. Maar eerlijk gezegd kom ik zulk ‘breaking news’ amper tegen in het vakgebied copywriting. Daarom blog ik over dingen die ik wél tegenkom. Zoals het omgaan met klanten of waarom mijn reclamebureauklanten er veel baat bij hebben om te gaan bloggen.

    Ook op het gebied van SEO kom ik veel tegen in de dagelijkse praktijk. Klanten horen van alles van jan en alleman. Dus ga ik daar tegenin door te stellen dat SEO niet dood is. Sommige collega’s en klanten vragen me wel eens waar ik toch al die inspiratie vandaan haal om te bloggen. Nou, ik hou vooral mijn ogen en oren open tijdens mijn dagelijkse werk. Daar is meer dan genoeg input te vinden.

    Herkenbaarheid scoort

    En waarom vinden mijn lezers dit blog nou zo nuttig? Juist: omdat ik mijn inspiratie uit herkenbare zaken haal. Iedereen krijgt wel eens superslechte nieuwsbrieven, ziet soms uitingen die het delen waard zijn en kent WC-EEND persberichten. In de reacties onder de blogposts komen ook regelmatig andere voorbeelden in dezelfde lijn voorbij. Dat zegt wel iets.

    Kortom: ik ga lekker door met mijn eigen(zinnige) manier van bloggen. Zo lang ik er nog positieve reacties op krijg en nieuwe klanten zich een beeld kunnen vormen van mijn visie, vind ik het goed.

  • Pssst… Als copywriter ben je eigenlijk psycholoog!

    Een psycholoog houdt zich bezig met het innerlijk leven (kennen, voelen en streven) en het gedrag van de mens. Een copywriter ook. Daarom is het belangrijker om psychologisch inzicht te hebben als copywriter dan om alle grammaticaregels uit je hoofd te kennen.

    denker

    Je helpt je klanten…

    Tijdens een gesprek met een psycholoog vertel je als cliënt wat je dwarszit. De professional tegenover je stelt de juiste vragen en laat je tot het inzicht komen dat je verder helpt. Klinkt bekend, nietwaar?

    Als copywriter heb je zeer vergelijkbare gesprekken met je klanten. Natuurlijk in de eerste plaats om de organisatie te leren kennen, maar ook om erachter te komen hoe de klant in elkaar zit. Zo stem je jouw benadering precies af op wat jouw klant van je wil. Help je hem bijvoorbeeld beter door hem zelf de opdracht een bepaalde kant op te laten sturen of geef je heel rechtdoorzee je mening omdat je voelt dat dit beter werkt? Bij het nemen van dit soort beslissingen luister je heel goed naar de psycholoog in jezelf.

    Daarnaast help je jouw klanten ook verder op het gebied van doelgroepbenadering. Veel MKB-bedrijven hebben eigenlijk geen duidelijk beeld van hun doelgroep. En als ze dat al hebben, is het vaak alleen gebaseerd op onderbuikgevoel. Daar komt jouw expertise dus goed van pas.

    Door je klant te adviseren een analyse te maken van de huidige klantengroep (bijvoorbeeld door kwalitatieve interviews of een enquête), komt hij er pas echt achter wie zijn klanten zijn en wat zij willen. Jij weet bovendien dat er verschillende persona’s zijn waarvoor je kunt schrijven. Zo kun je alle doelgroepen binnen de hoofddoelgroep bedienen. Door te sturen op de conversiecijfers stem je alles nog beter af.

    O ja, vergeet ook de overtuigingsprincipes van Cialdini niet. Daarmee bedrijf je natuurlijk pure psychologie. In feite kruip je in het hoofd van de doelgroep en zorg je dat én de eindklant beter geholpen wordt én jouw opdrachtgever blij is met je verkoopbevorderende advies.

    …En je helpt hun klanten

    Jij weet uit ervaring dat dooddoeners gewoon niet werken. Wat de eindklant wil is een zich duidelijk onderscheidende partij die herkenbare problemen oplost. Aan jou de taak om dit duidelijk te communiceren op een eerlijke manier.

    De eindklant is op zoek naar een partij die perfect snapt wat hij wil. Door jouw psychologisch inzicht kun je daarvoor zorgen. Met heldere communicatie die aansluit bij de belevingswereld van de klant.

    Ook als jouw opdrachtgever er in eerste instantie niets aan verdient om de doelgroep te helpen, kan het een goede strategie zijn om dit toch te doen. Op langere termijn kan deze sympathieke benadering namelijk extra trouwe klanten opleveren.

    Waarschijnlijk stimuleer je jouw opdrachtgever ook om actief aan klantrecensies en testimonials te werken. Omdat de eindklant zich heel vaak oriënteert op basis van de mening van anderen, help je de doelgroep hier absoluut mee.


    Kortom: blijf goed luisteren naar de wensen van je opdrachtgever en die van de eindklant. Zo kom je tot de juiste psychologische inzichten die tot de juiste copy leiden.

  • Contentmarketing is vaak gewoon contentrecycling

    recycling

    Je weet het: contentmarketing is de heilige graal tegenwoordig. En zoals bij alle trends het geval is, zijn er veel bedrijven die maar wat doen. Zoals bestaande content recyclen wanneer dat geen meerwaarde biedt. En dat vind ik dan weer zonde. Terwijl contentrecycling in sommige gevallen wél een goede optie is. Als je er dan maar iets nieuws mee doet.

     

    Wanneer het recyclen van content prima werkt

    Stel dat je als bedrijf een blog hebt. Daarop schrijf je over allerlei relevante zaken, die van toepassing kunnen zijn op (potentiële) klanten of vakgenoten. Zodra je bezoekersaantallen groeien is het heel logisch dat je oude artikelen in vernieuwde versies opnieuw plaatst. Zo lang de boodschap nog steeds geldt, is dat een prima manier van contentmarketing. Je bereikt er immers een grote doelgroep mee, omdat nu meer mensen je blog, social media en/of nieuwsbrief volgen dan voorheen.

     

    Een andere reden om content te recyclen is als je heel duidelijk wilt maken wat je centrale boodschap is. Niet dat je nu elke keer dezelfde blogpost daarover hoeft te schrijven, maar je kunt best steeds nieuwe voorbeelden zoeken die bewijzen wat jij al die tijd al roept. Dat zorgt er juist voor dat je nog meer als een autoriteit wordt gezien. Want je gelijk wordt steeds weer bewezen.

     

    Ook krijg ik van klanten vaak input aangeleverd in de vorm van bestaande artikelen. Zij staan helemaal achter de strekking daarvan of willen deze interessante informatie ook delen met hun doelgroep. Een voorwaarde om dit te kunnen doen vind ik dat je er je eigen content van maakt. Vertel erover in je eigen tone-of-voice en voeg je eigen inzichten toe. Kortom, doe het op jouw manier.

     

    Wanneer contentrecycling niet de manier is

    Ken je die bedrijven (of mensen) die op al hun (social) mediakanalen precies dezelfde content delen? Dat vind ik dus ontzettend irritant. Natuurlijk snap ik dat ze zo een groter bereik willen behalen, maar pas de content dan in ieder geval aan voor het medium waarop je het plaatst. Anders ben je in mijn ogen meer een vervuiler.

     

    Een andere manier van contentrecycling die ik niet oké vind is wanneer je doet alsof je een statement of idee zelf hebt bedacht, terwijl dat niet zo is. Iedereen haalt ergens inspiratie vandaan en daar is niets mis mee. Maar doe in zo’n geval niet alsof je ontzettend origineel bent.

     

    En dan hebben we ook nog content die puur geplaatst wordt om het plaatsen. Eigenlijk zijn er geen nieuwe ideeën of ontwikkelingen te melden, maar je moet toch wat schrijven. Nou, dan maar een oud artikel hergebruiken…

     

    Het verschil tussen goede en slechte recycling

    In 2006 schreef ik een blogpost over de betekenis van bedrijfsnamen. Daaronder verschenen veel reacties van lezers. Ook in Google deed de blogpost het goed wanneer mensen op de betekenis van deze bedrijfsnamen zochten. Daardoor is het een makkelijke prooi voor contentrecycling. Dat gebeurde dan ook door minimaal twee verschillende sites. Eentje deed het op de goede manier, de andere op de luie manier.

    aapio

    Op de website van Management Team staat een artikel over de betekenis van bedrijfsnamen uit 2009. Onderaan staat een slider, waarin Asito, AAPIO en KAV naast elkaar worden vermeld. Precies de namen die ook in mijn blogpost uit 2006 staan en in de reacties daaronder. Hier is dus waarschijnlijk wel wat geleend. Maar ze doen het wel op een goede manier, vind ik. Ze hebben er hun eigen artikel van gemaakt met aanvullende teksten. Prima contentrecycling!

     

    Wat ze bij MT alleen wel echt hebben gejat is de afbeelding erboven. Die komt namelijk van het weblog Supermanagement. En daar hebben ze dan weer heel lui gewoon de opsomming overgenomen van bedrijfsnamen met uitleg die op mijn blog en in de reacties stond. Oké, er staan ook wat nieuwe tussen, maar dit is wat mij betreft geen goede contentrecycling.

  • In een pay-off kun je stiekem best veel kwijt

    Het zijn meestal maar enkele woorden, maar je kunt met je pay-off een duidelijk statement maken. Je zegt er niet alleen iets mee over jezelf, maar ook iets over je klanten en je concurrentie. Tenminste, als je het goed doet. En dat allemaal in die paar woordjes. Zo belangrijk is het dus om goed na te denken over de pay-off!             

    Enkele goede voorbeelden:

     

    • Heren die beter isoleren

    Dat ze hier het woord ‘heren’ gebruiken is geen discriminatie op basis van geslacht. Ze bedoelen hier nette medewerkers met goede manieren. Oftewel: deze isolatie-experts komen bij je over de vloer op een prettige manier. Het onderdeel  ‘beter isoleren’ vind ik mooi omdat het een dubbele betekenis heeft. Beter dan je huis nu geïsoleerd is (dat levert je geld en milieuvriendelijkheid op) en beter dan de concurrentie het doet.

     

    • Home of happy brands

    homeofhappybrands
    Voorheen was dit de pay-off van een reclamebureau, maar inmiddels hebben ze hun naam zelfs veranderd in Home of Happy Brands. Dat snap ik heel goed. Een ‘home’ is echt een thuis. Daarmee impliceer je dat je altijd voor lange relaties gaat met klanten. Verder staat ‘home’ synoniem voor een goed gevoel en de juiste plek. Voor wie? Nou, voor die ‘happy brands’ dus. Daarmee geven ze aan dat bestaande klanten blij zijn en nieuwe klanten blij worden van het bureau. Verder ligt de nadruk op het woord ‘brands’, waardoor het duidelijk is dat er echt op merkniveau wordt nagedacht. Daarmee selecteer je ook klanten die bij je passen.

     

    Enkele slechte voorbeelden:

     

    • Just more

    Een bedrijf dat verlichting aan de man brengt, doet dat met de pay-off ‘Just more’. Daar kun je dus helemaal niks mee als potentiële klant. Hoezo gewoon meer? Als ze nou concreter zijn waar ze meer in bieden dan anderen, dan heb je een belofte waar klanten je aan kunnen houden. Nu niet.

     

    • Over folie gesproken

    Wat ze bedoelen is dat je bij folie direct denkt aan hun bedrijf, dat handelt in folie voor de landbouw en bouwsector. In plaats daarvan scheppen ze verwarring. De zin waaruit hun pay-off bestaat is namelijk niet af. Je verwacht dat er nog iets komt. ‘Over folie gesproken…’ is net zoiets als ‘Trouwens…’. Als alternatief zouden ze bijvoorbeeld ‘Als je het over folie hebt’ of ‘Dan heb je het over folie’ kunnen gebruiken.

    Welke voorbeelden horen hier nog bij? Ik vul het artikel graag aan op basis van suggesties!

    Aanvulling van Dimitri Lambermont:
    Calvé pindakaas: “Smeuïg tot op de bodem”

    Calvé heeft door de jaren vele slogans gehad.: “Stom hè? ik vind het gewoon lekker…”; “Calvé Pindakaas. Wie is er niet groot mee geworden?”; “Hoe groot wil je worden”.
    Maar de beste staat al jaren gewoon op het potje “Smeuïg tot op de bodem”.
    Dan loopt toch gelijk het water in je mond? Smeuïg is alleen al een mooi woord. Heeft gelijk iets van smeren in zich. En dat… tot op de bodem.
    Iedereen die wel eens per ongeluk een potje B-merk pindakaas heeft gekocht, herkent het verschil. Droge meuk. Plakt aan je huig. Krijg je niet weg.
    Maar niet Calvé. Die is smeuïg. Niet te droog. Niet te zout. Niet te korrelig. Nee smeuïg! En niet alleen het bovenste laagje, waarna het alsnog een drama wordt van geplak aan de huig. Nee tot OP de bodem. Wat een belofte! Wat een slogan.

    Aanvulling van Jeske Paalvast:
    DAS: Het antwoord op alles waar u niet om heeft gevraagd

    Aanvulling van Johan Koning:
    @Home: Met jou op één lijn